Foto's onthouden wat mensen vergeten

Posts tagged “hotel

Stadspaleis Hotel d’Hane Steenhuyse

Sedert maart 2018 is het 18de eeuws Stadspaleis “Hotel d’Hane Steenhuyse” in de Veldstraat, 55 in Gent iedere weekend (van vrijdag t.e.m. zondag) vrij toegankelijk voor het brede publiek.
En kan je er tussen 14 en 18 uur kennis maken met de majestueuse woning van de adellijke familie d’Hane Steenhuyse. – De toegang is gratis, met optie tot een vrije bijdrage.

De geschiedenis van het Hotel d’Hane-Steenhuyse gaat terug tot in 1768.
In dat jaar liet graaf Emmanuel-Ignace d’Hane een aantal middeleeuwse huizen in de Veldstraat in Gent ombouwen tot een hotel.  Opeenvolgende generaties d’Hane-Steenhuyse hebben zijn werk verder gezet en het gebouw gemaakt tot wat het nu is.

Indrukwekkend is de hemelse balzaal, ook “Salle à l’Italienne” genoemd
Om het parket niet te beschadigen, is de imposante balzaal door het publiek enkel te betreden met overschoentjes aan, die in een mand aan de deur ter beschikking liggen. Naaldhakken zijn verboden.

Helemaal opgedoft voor de dames, inclusief zijden dansschoentjes en balboekje, betraden de genodigden in de 18de-eeuw de zaal op één van de feesten van haute société

Verschillende illustere figuren hebben in het verleden in het Hotel d’Hane Steenhuyse verbleven. In 1803 logeerde de Franse diplomaat Charles-Maurice de Talleyrand er een poosje. Acht jaar later deed koning Jérôme Bonaparte van Westfalen hetzelfde.

In 1814 kwamen tsaar Alexander I van Rusland en John Quincy Adams, de latere president van de VS, langs. Hij maakte deel uit van de Amerikaanse delegatie die in het Hotel d’Hane Steenhuyse samen met de Britten de Vrede van Gent tekende.

Een jaar later zocht koning Lodewijk XVIII van Frankrijk zijn toevlucht tot de residentie tijdens de zogenoemde Honderd Dagen van Napoleon Bonaparte. De Franse schrijver en politicus François René de Chateaubriand reisde mee in zijn gevolg.
In de 78 dagen dat de Franse vorst in Gent resideerde, werd de “Salle à l’Italienne” niet meer als balzaal gebruikt. Louis XVIII installeerde er toen zijn salon.
Nog in 1815 nam de pas gekroonde koning der Nederlanden Willem I samen met zijn echtgenote Wilhelmina zijn intrek in het Hotel d’Hane Steenhuyse naar aanleiding van hun blijde intrede in Gent. Drie jaar later kwam ook hun zoon en latere koning Willem II langs.

Advertenties

Verborgen parel – Hotel d’Hane Steenhuyse – Gent

Door een plakkaat op de stoep bij de inrijpoort, met uitnodiging om binnen te stappen, ontdekten we heel toevallig in de Veldstraat te Gent het minutieus gerestaureerde Stadspaleis Hotel d’Hane Steenhuyse van de gelijknamige adellijke familie uit de 18de eeuw.
Maar wat we binnenin te zien kregen overtrof alle verwachtingen.
Kleurrijke salons, kunstig meubilair, weelderig behang en zinnenprikkelende muurschilderingen flitsen je tweehonderd jaar terug in de tijd.
Het gebouw heeft een rijke geschiedenis.
Verschillende illustere figuren hebben destijds in het Hotel d’Hane Steenhuyse gelogeerd. Zo ook de Franse koning Lodewijk XVIII, die in Gent de uitkomst van de Slag bij Waterloo afwachtte, tijdens de zogenoemde Honderd Dagen van Napoleon Bonaparte.

Blikvanger op het gelijkvloers is de indrukwekkende balzaal met prachtige plafondschildering, met uitzicht naar de tuin.

Het grote salon naast de balzaal was destijds de ideale plek om op adem te komen, wanneer de genodigden het dansen moe waren. Daar keuvelden de gasten, werden er afspraken gemaakt, maar ook roddels uitgewisseld.
Tijdens het  verblijf van de franse koning Louis XVIII bij de familie d’Hane Steenhuyse in Gent, was deze ruimte de slaapkamer van de koning, terwijl de graaf en zijn familie de appartementen op de eerste verdieping innam.

In de periode dat de franse koning Louis XVIII in Gent resideerde, was deze ruimte de troonzaal van de vorst. Maar eens de vorst terug gekeerd was naar Franrijk, werd deze ruimte opnieuw zoals vanouds de eetplaats van de graaf en zijn familie

De interieurs bevatten unieke wandbehangen en beschilderingen, parketvloeren en meubelstukken.

Aan de voorzijde langs de Veldstraat bevinden zich de ontvangstruimten met de salons. Daar werden de gastheren opgewacht.

De periode dat de Franse vorst Louis XVIII bij de familie d’Hane-Steenhuyse verbleef, nuttigde hij hier zijn maaltijden. Dat veroorzaakte een ware volkstoeloop in de Veldstraat van Gentenaren die zich door de vensters kwamen vergapen, want de koning leek nogal gulzig te kunnen eten, terwijl hij overmatig zweette. Vandaar dat de Gentenaren hem spottend de naam “Louis-die-zwiet” gaven.


Gents stadspaleis Hotel d’Hane Steenhuyse

Eén van de best bewaarde geheimen van Gent is het stadspaleis Hotel d’Hane Steenhuyse.
Sinds 1953 is het Hotel d’Hane Steenhuyse in de Veldstraat te Gent een beschermd monument.
Het 18de eeuws historisch gebouw werd door de Stad Gent aangekocht in 1980-81. Voorbije decennia was de Dienst Monumentenzorg er gehuisvest, maar na enige restauratie te hebben ondergaan, kan je het nu tijdens de openingsuren op eigen houtje bezoeken.
Naast een prachtige architectuur heeft het 18de eeuws hôtel de maître een indrukwekkend interieur.
Niet alleen de hemelse balzaal, de salons en de eetplaats op het gelijkvloers, maar ook de gerestaureerde kamers op de 1ste verdieping zijn meer dan een ontdekking waard.

Een majestueuze trap leidt je naar de eerste verdieping met verschillende kamers:  de aparte slaapkamers van de graaf en gravin, de muzieksalon en de appartementen voor de kinderen.

De graaf Jean Baptiste en zijn echtgenote, Marie Madeleine, hadden 7 kinderen, een dochter en 6 zonen. Zij verbleven tot ongeveer hun 18de in het appartement van de kinderen, vlak bij de vertrekken van hun ouders. Gouvernantes zorgen van bij de geboorte voor het adellijk nageslacht.

De graaf en de gravin slapen in “chambres séparées”. Het appartement van de gravin heeft de meeste kamers en bestaat uit een kabinet, een slaapkamer, een opsmukkamer en een garderobe. Hier slaapt ze, bidt ze, leest ze een boek, verzorgt ze haar correspondance of drinkt ze thee.

Dit is het appartement van graaf Jean Baptiste. Enkel zijn intimi en het huispersoneel kwamen hier ooit binnen. En ook zijn hond uiteraard.

Harp, cello en viool werd steeds minder bespeeld.
In het muzieksalon staat de piano centraal.

Vanaf het eerste verdiep kan je neerkijken op de prachtige vestibule of ontvangstruimte, waar het daglicht via de grote ramen boven naar binnenvalt.